We Love IT > Magazine > Inhoud - 2006 uitgave 1 > Impulse Info Systems
Tags: Applicatieontwikkeling | Oracle

Oracle Designer & Developer

De basis van zorgapplicatie USER

Sinds 1994 ontwikkelt Impulse Info Systems B.V. haar informatiesystemen met databases en tools van Oracle. De eerste GUI-applicatie werd ontwikkeld met de destijds genoemde ‘CDE-tools’. Dat was onze ERPapplicatie Impulse IV. Men kon toen nog bellen met Oracle-support en soms leek het alsof wij meer kennis in huis hadden dan in de Meern. Dat kwam vooral omdat het splinternieuwe tools waren. De combinatie met MS-Windows 3.11 zorgde ervoor dat je tenminste 3 keer per dag kon opstarten.

Applicatie voor de verslavingszorg

In 1997 bouwde Impulse haar eerste applicatie voor de verslavingszorg genaamd ‘USER’. Deze applicatie werd in 1998 op de markt gebracht en 3 instellingen gingen er direct mee werken. In 1999 werd door GGZ-Nederland een onderzoek ingesteld naar bruikbare applicaties voor de verslavingszorg. USER was 1 van de 3 genomineerde applicaties. Inmiddels is USER in de verslavingszorg marktleider en wordt het pakket ook ingezet bij grote en middelgrote GGZ-instellingen, GGD’s en TBS-klinieken. USER is doorgegroeid naar een web-based cliëntvolgsysteem met een geïntegreerde agenda en EPD. De ca. 650 schermen tellende applicatie met een vergelijkbaar aantal rapporten draait op Oracle IAS 10g en Oracle 10g database. Daarbij wordt gebruik gemaakt van Developer en Designertools. Een 30-tal medewerkers werkt dagelijks aan de bouw, verbouw en implementatie van deze applicatie. In de loop van de tijd werden steeds meer eisen aan de applicatie gesteld. In 1998 registreerde met name het secretariaat alle afspraken en was er nauwelijks sprake van een elektronisch dossier. In 2006 registreert men voor een groot deel al bij de bron. Dat wil zeggen dat de behandelaar zelf zijn contacten registreert en z’n gespreksaantekeningen vastlegt etc.. Een gemiddelde GGZ-instelling heeft ca. 20 locaties die in het verleden allemaal hun ‘eigen papieren dossier’ hadden. Nu is er één elektronisch dossier waarmee de geautoriseerde medewerkers vanuit één scherm alle gegevens over hun cliënt kunnen opvragen.

Gebruikte techniek

Impulse gebruikt Designer/Developer technologie. Redenen om op zeer korte termijn over te stappen naar een andere technologie zijn er nog niet. Designer en Developer zijn volwassen, volwaardig, uitontwikkeld en dus stabiele producten, met bewezen technologie. Wij en onze klanten zijn gewend aan een Forms gegenereerde user interface. De overgang naar een volledige Java-omgeving zou dus niet alleen een verandering in de user-interface betekenen, maar ook een fundamentele wijziging in de interactie tussen de eindgebruiker en de applicatie. Er is niet de flexibiliteit van het rijke Forms menu en keyboard short cuts. Bovendien bestaat het concept van een stacked canvas niet in een HTML concept. Natuurlijk missen we ook een aantal functionaliteiten. Die kunnen echter gecompenseerd worden door de eigenschappen van objecten aan te passen m.b.v. Java of door bepaalde functionaliteit te vervangen door andere technologiën zoals HTML en XML. Met het in gebruik nemen van Forms 10g is de gebruiksvriendelijkheid van de nieuwste versie van USER ook verbeterd. Dit geldt ook voor de komst van de vernieuwde WebUtil die veel van de clientside functionaliteit op de clientbrowser machine voor zijn rekening neemt. Voorbeelden hiervan zijn integratie met MS-Office, het uitvoeren van browserfuncties of de file transfer tussen cliënt- en applicatieserver. De applicatie kan voor verschillende doeleinden brieven genereren. De standaardbrieven die voorheen op het file-systeem van de applicatieserver(s) stonden zijn nu opgeslagen in de database. Het beheer van sjablonen en standaardbrieven is hierdoor vereenvoudigd. Tevens heeft de eindgebruiker nu ook de mogelijkheid om de gegenereerde brief nog naar haar/zijn inzicht aan te passen en op te slaan. Daarvoor hoeft de eindgebruiker alleen nog maar op een knop in MS-word te drukken en de aangepaste brief wordt automatisch opgeslagen onder een van te voren vastgestelde rubriek.

Agendafunctionaliteit in Forms

USER beschikt over een geïntegreerde agendafunctionaliteit. Hoewel Forms in eerste instantie niet de meest voor de handliggende tool is, is het ons gelukt om een geïntegreerde agendafunctionaliteit hiermee te bouwen. M.b.v. de USER-agenda is het bijvoorbeeld mogelijk om contacten met cliënten of cliëntgroepen te plannen en te registreren. In de meeste gevallen plant het secretariaat de afspraak met de cliënt en legt tevens de spreekkamer vast. De behandelaar kan in zijn agenda direct zien welke cliënten, groepssessies, vergaderingen etc. voor hem zijn gepland. Ook het verschuiven en plannen van een afspraak gaat eenvoudig. Door gebruik te maken van Java-objecten is drag&drop mogelijk. Bij het klikken op de afspraak verschijnen de details in beeld en kan hij of zij direct de gespreksnotities van het contact vastleggen. De financiële afhandeling vindt direct plaats na het registreren van het contract. Op de achtergrond vinden diverse verwerkingen automatisch plaats. De financiële afhandeling in de GGZ kent een enorme hoeveelheid regels. In databasetriggers worden de functies in packages aangeroepen die er op hun beurt voor zorgen dat de verwerkingen plaatsvinden. Daarbij moet ook nog rekening worden gehouden met verschillende financieringsstromen en registratiesystemen (zoals de CTG en DBC) die soms ook nog per instelling kunnen verschillen.

7 x 24

Doordat behandelaars zelf registreren en raadplegen is afhankelijkheid van de applicatie toegenomen. Er zijn klanten die volledig afhankelijk zijn van deze applicatie. Met het toenemen van het aantal gebruikers speelt de snelheid uiteraard ook een rol. Door gebruik te maken van Oracle’s nieuwste technologie kunnen we ook aan de eisen van deze klanten voldoen. Daarvoor maken we gebruik van 64-bit technologie, Oracle’s real application cluster, failsave en standby techniek. Novadic-Kentron is een klant die gebruik maakt van deze techniek. Zij gebruiken een 64-bit Linux database cluster. Beide database-servers zijn voorzien van 2 opteron AMD processoren (64bit). Daardoor worden 4 processoren tegelijkertijd optimaal gebruikt. De data wordt op een HP Eva 4000 SAN opgeslagen. Daarnaast zijn er ook klanten die gebruik maken van een Microsoft Windowscluster in combinatie met failsave of gebruik maken van een standby database. Bij mogelijke uitval kan men dan terugvallen op de standby omgeving. Om de gebruiksvriendelijkheid van de applicatie nog verder te verhogen zal in toenemende mate meer integratie met Java plaatsvinden, maar het op korte termijn vervangen van Developer en Designer is nog niet aan de orde.

Lees meer over Impulse Info Systems
Ga terug naar We Love IT uitgave 1 - 2006
Advertentie